Een roze olifant in de kamer

geplaatst in: Blog Alsjebliefthoogsensitief | 4

Roos Schlikker, auteur en columniste, schrijft in het boek ‘Moeder van glas’ over haar moeder die leed aan een bipolaire stoornis. In het tv-programma De Verwondering vertelt zij: “We zaten vroeger met z’n drieën op een eilandje. Hoe dat thuis precies ging wisten mensen helemaal niet. Mijn vader heeft heel lang gedaan alsof alles heel normaal was en normaal ging.” Ze verwoordt exact hoe het voor mij altijd gevoeld heeft. Ook wij zaten met ons vieren – vader, moeder, broer en ik – op een eilandje met ‘een roze olifant in de kamer’; een groot geheim waar iedereen in de kamer mee bekend was, maar waar niet over werd gesproken.

Ik denk dat mijn openheid over mijn fysieke gesteldheid daarmee te maken heeft: bij mij geen roze olifant in de kamer. Ook niet als het gaat over mijn geestelijke gesteldheid: angst, paniek en zelfs een aanval van totale hysterie.

Door lange gangen

De moeder van Roos had een bipolaire stoornis (manische periodes, afgewisseld met zware depressies). Mijn moeder had psychische problemen en was – naast haar redelijk goede periodes – regelmatig depressief: lag vaak in bed, had soms last van boze / agressieve buien, vluchtte in zelfmoordpogingen, was verslaafd aan zware medicatie en werd een paar keer langdurig opgenomen in een inrichting. Ik herinner mij nog goed dat mijn vader, broer en ik stilzwijgend in de tram zaten op weg naar mijn moeder die was opgenomen. We werden door lange gangen geloodst, met iedere keer weer deuren die achter ons op slot gingen, om uiteindelijk op een gesloten afdeling terecht te komen waar mijn moeder als een zombie in bed lag. Vol met blauwe plekken, nauwelijks aanspreekbaar en met een boze blik in haar ogen. Ze was door de zware medicatie uit bed gevallen, werd ons verteld.

Sfeer om te snijden

En wij zaten daar maar naast haar bed te wachten tot het weer tijd was om te gaan. Echt contact was er niet, de sfeer was om te snijden en wat ik om mij heen zag en voelde was kort gezegd zeer beklemmend en onwerkelijk. Als we dan weer mochten gaan, zaten we vervolgens weer stilzwijgend naast een sombere vader in de tram terug naar huis. Mijn moeder heeft daar maanden gelegen, en niemand in onze omgeving wist het. Mijn broer en ik zwegen erover, naar het voorbeeld van mijn vader. Voor die generatie en in dat gereformeerde milieu was praten over je psychisch kwetsbare vrouw uitgesloten; de vuile was hing je niet buiten. Dus deden mijn broer en ik dat ook niet. Zover ik mij herinner spraken wij er onderling ook nauwelijks over.

Mooi weer spelen

Wat ik mij wel herinner was een bezoek van een dominee en ouderling. Ze zaten met mijn vader in de woonkamer geheimzinnig met elkaar te praten en toen ik vanuit mijn kamertje naar de toilet ging, zag ik door het raam van de woonkamerdeur hun bewonderende blikken gericht op mij. Mijn vader had waarschijnlijk net verteld wat er speelde en hoe flink ik was. Ik zag die blikken en groeide van binnen. Waardering, daar hunkerde ik naar. Dus ik deed nog meer mijn best om flink te zijn en het spel zo goed mogelijk mee te spelen; zwijgen als het graf en naar buiten toe mooi weer spelen. Ik was dat vrolijke, kwebbelende meisje. Ja, met mij ging het altijd goed.

1196

Er waren ook goede periodes, moeder was niet altijd ziek. De tijd dat we in ons 1e huis in Assen woonden, was naar mijn herinnering de fijnste tijd. We hadden leuke bovenburen, met een fantastische hond – Adinda – waar ik als meisje van pak ‘em beet 8 à 9 jaar knettergek mee was. Het waren maar een paar jaar, maar daar kijk ik met een goed gevoel naar terug. Van deze tijd herinner ik mij ook het meest: de periode daarvoor lijkt uit mijn geheugen te zijn weggewist, zo ook de korte tijd dat we in ons 2e huis in Assen woonden. Daarna verhuisden we – tot groot verdriet van mijn broer en ik – naar Den Haag. En ook mijn moeder was er niet blij mee, maar ja; mijn vader kon alleen promotie maken bij het Ministerie van Defensie als hij naar Den Haag zou verhuizen. Ik was 11 à 12 jaar, mijn broer 1,5 jaar ouder. We woonden in een flat, vier hoog met als huisnummer 1196. In Assen had ik nog nooit en flat gezien en dat er zulke lange straten bestonden met zulke huisnummers, daar kon ik met mijn pet niet bij.

De werking van medicatie

In Den Haag ging het regelmatig voor lange periodes echt mis met mijn moeder; het in bed blijven liggen, haar buien, de opnames in inrichtingen, de ophoging en vermeerdering van zware medicatie met als gevolg verslaving etc. Wat de werking van medicatie met een mens kan doen heb ik zelf onlangs mogen ervaren. Al lang is bekend dat mijn lichaam niet bestand is tegen (pijn)medicatie. Na verwijdering van mijn baarmoeder (op mijn 39e) was ik doodziek en heb ik door de narcose verschrikkelijk moeten overgeven. Na simpele ingrepen heb ik wel eens een bescheiden dosis Ibuprofen moeten slikken en was daarvan dagenlang van de kaart (darmen). In het begin van CPPS – 11 jaar geleden – begon ik op aanraden van mijn bekkenfysiotherapeut met Amitriptyline. Geen enkel effect maar er wel oorsuizen aan overgehouden. Ongeveer een jaar geleden ondanks meerdere van dit soort ervaringen toch naar een pijnspecialist gegaan en andere pijnstillende medicaties in een zeer lage dosis geprobeerd met hetzelfde resultaat: geen effect en grote, langdurige darmproblemen.

Diazepam en totale hysterie

De enige medicatie die ik al lang af en toe slik als ik niet kan slapen is Diazepam (spierontspanner, 2 mg). Jaren geleden raadde mijn huisarts i.v.m. toename van bekkenbodempijn mij aan om eens 2x daags 2 pilletjes te nemen. Naast spierontspanning zouden ze ook rustgevend werken. Na een paar weken ben ik gestopt omdat het niet hielp voor de pijn en ik er juist erg nerveus, zenuwachtig van werd. De laatste weken – opnieuw gestimuleerd door huisarts, pijnspecialist, bekkenfysiotherapeut – het toch weer geprobeerd. Twee pilletjes zet geen echte zoden aan de dijk, dus ophogen naar 3 pilletjes (6 mg) en dit 3x daags. Dat laatste vond ik wel erg veel, dus eerst maar eens proberen wat 1x of 2x daags 3 pilletjes met me deed. Nou, ik heb het geweten. Ik werd steeds nerveuzer, gestresst en onlangs ben ik op een ochtend volledig uit mijn dak gegaan. Noem het maar gerust totaal geflipt. Alsof er iets buiten mijzelf mij totaal gek maakte. Ik kon me niet meer beheersen, wilde de boel kort en klein slaan, mezelf wat aandoen, riep, schreeuwde, maakte gekke bewegingen. Totale hysterie.

Gestoord gedrag

Met hulp van Gerard in bed gekropen en uiteindelijk kwam ik – met hem dichtbij me – langzaam weer wat tot mezelf. We wisten allebei dat dit de uitwerking was van (een teveel aan) Diazepam en te maken had met mijn hoogsensitiviteit. Deze link had de pijnarts een jaar geleden ook al aangegeven. Tijdens dat moment in bed realiseerde ik mij hoe verschrikkelijk moeilijk mijn moeder het gehad moet hebben. Want ik ben er sinds een tijdje van overtuigd dat ook zij hoogsensitief was. De vele zware medicaties zullen ook bij haar dit soort uitwerkingen hebben gehad. Maar in die tijd was daarvoor geen enkel besef en werd je met ‘gestoord gedrag’ naar een psychiatrische kliniek afgevoerd en nog meer volgepompt met medicatie. Mijn hart scheurde bijna. Wat heb ik met haar te doen: niet zoals ik een liefhebbende, begripvolle man, geen begripvolle omgeving, en in een wereld leven waarin alleen maar ‘flink zijn’ het adagio was en medicijnen en opnames de hoofdrol speelden. Mijn hart stroomde over van medeleven en mededogen.

Paradentificatie

Mijn moeder en vader bedoelden het goed, maar door de tijd waarin zij leefden en de hele situatie waarin mijn moeder verkeerde, hadden ze hun handen vol aan zichzelf en waren ze te weinig gericht op onze behoeftes en emoties. Wat ik altijd wel voelde was dat mijn moeder anders was dan andere moeders. Ook door de stimulans van mijn vader ontstond er paradentificatie: ik ging als jongere mentaal voor mijn moeder zorgen. Al jong draaiden de rollen zich om: ik was zeer gericht op ‘hoe zit ze erbij vandaag’ en er ontstond bij mij een beschermingsdrang. Toen ik eenmaal uit huis was en in aanraking kwam met vrouwenpraatgroepen hield ik in het begin mijn hand boven haar hoofd; ze was te kwetsbaar en kon dit leven niet aan. Roos verwoordt het als volgt: “Mijn moeder is de meest kwetsbare persoon die ik ken, soms lijkt het wel of ze van glas is. Maar vandaag is ze een ridder, een dappere ridder van glas.” Zo keek ik ook naar mijn moeder.

Almaar je best doen

Roos is in het leven van haar oma gedoken (zij had ook een bipolaire stoornis) en ziet wel een generatie vrouwen die tegen de klippen op ontzettend hun best deden. De volgende woorden van Roos raakten mij het meest, alsof het over mij gaat; “Mijn moeder heeft haar hele leven haar best gedaan om niet op haar moeder te lijken en de demonen buiten de deur te houden en ik heb op mijn manier heel erg mijn best gedaan om het mij zo goed mogelijk te laten gaan, of in ieder geval een soort troost te bieden en het beter te maken. Het gaat door de generaties heen. Dat inzicht voelde voor haar troostrijk: dat hele ‘almaar je best doen’ ik ben niet alleen daarin. Dat hebben wij gewoon de hele tijd gedaan. Misschien mag het steeds een beetje minder, dat zou prettig zijn.”

Armen om mij heen

Vanaf dat ik in Nijmegen – bewust ver van huis – op kamers ging wonen, ontstond er langzamerhand veel boosheid naar mijn moeder. Daar heb ik jaren behoorlijk mee geworsteld en regelmatig was de spanning tussen ons – met name vanuit mij – regelmatig te snijden. Ik liet het niet toe dat zij moederlijke gevoelens naar mij toe toonde. Pas na haar overlijden ontstond er langzamerhand verzachting. Ze is lang geleden overleden, maar ook ik heb net als Roos het gevoel dat ze heel dichtbij mij is. Alsof de relatie met haar doorgaat. Dat is heel lang niet zo geweest. Maar een paar jaar geleden ervaarde ik voor het eerst tijdens een Chi Neng (Zhineng) Qigong oefening haar aanwezigheid en haar armen om me heen. Sindsdien ervaar ik dat regelmatig en is alle boosheid jegens haar weggeëbd.

Leven met een open hart

Net als Roos koester ik mijn littekens. Ik begrijp wat er is gebeurd, ik begrijp wat het met mij en ook met mijn overleden broer heeft gedaan. Onze harten zijn teveel geraakt, beurs en geschrokken geweest, waardoor we allebei – ieder op een heel andere manier – een tijd lang met een ‘dicht hart’ leefden en veel in ons hoofd zaten. Je hart pantseren zodat je nooit meer gekwetst kunt worden. Bij mij uitte zich dat in krachtig en onafhankelijk willen zijn en emoties proberen in te tomen. De prijs was dat ik geen bewust contact had met mijn intuïtie. Door de chronische pijnaandoening die ik kreeg, ontstond er een keerpunt in mijn leven. Ik leerde te leven met een open hart; met liefde, vertrouwen, in plaats van in angst, strijd, competitie. Ergens las ik: “Met een open hart ervaar je diep en betekenisvol contact met jezelf, je eigen emoties, anderen en alles wat leeft. Uitwisseling van hart tot hart, ook al is het vluchtig op straat met een buurtgenoot, geeft vervulling, zin en ontspanning aan het leven. Een open hart is een voorwaarde om geluksmomenten te ervaren.”

Ondanks dat het ronduit slecht met mij gaat en ik niet weet wat dit voor consequenties heeft, ervaar ik nog vele kleine geluksmomenten.

 

Terugkijken: De Verwondering, 19 sept KRO / NCRV. Annemiek Schrijver in gesprek met Roos Schlikker

 

Aanmelden

Laat hier je e-mailadres achter en je krijgt een mail als er een nieuw bericht is geplaatst.


 

 

 

Een roze olifant in de kamer - Foto onbekend

Foto: onbekend

 

Eb

Ik trek mij terug en wacht.

Dit is de tijd die niet verloren gaat:

Iedere minuut zet zich in toekomst om.

Ik ben een oceaan van wachten,

waterdun omhuld door ‘t ogenblik.

Zuigende eb van het gemoed,

dat de minuten telt en dat de vloed

diep in zijn duisternis bereidt.

Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?

– Margaretha Vasalis

 

 

4 Antwoorden

  1. Elles van Loenen

    Lieve Rudi, wat schrijf je dit onzettend mooi! Intens oprecht en ook verhalend, levendig, met een open hart dat ieder ander open hart direct aanspreekt. Ook het mijne, ontroerend om zo dichtbij je te mogen zijn. Mooi mens dat je bent, strijdend, veel meegemaakt en altijd opzoek naar de waarheid, het waarom van de dingen, de zingeving, de betekenis daarvan voor jezelf en het delen met je medemens in al je oprechtheid. Een mens om van te houden. Besef wat voor betekenis je geeft aan je omgeving, voel en laat de liefde die daar zit bij je komen, laat het stromen, laat het je voeden, een niet ophoudende stroom als water vanuit de bron, omdat jezelf bereikt hebt daar zo wonderschoon dichtbij te staan. Liefs, Elles

    • Rudi Korthuis

      Ach lieve Elles, tranen biggelen over mijn wangen. Dank voor jouw prachtige woorden, ze raken me diep. Ook Gerard. Ik voel jouw nabijheid en ook van zoveel andere dierbaren. Hou van jou xxx

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *