Zelfverlies versus zelfbesef

geplaatst in: Blog Alsjebliefthoogsensitief | 0

Soms lees je een boek en moet je bij wijze van spreke na iedere bladzijde het boek opzij leggen, omdat het zo’n diepe indruk op je maakt. Dat overkomt mij nu. Het is alsof het boek over mij gaat. Zoveel herkenning. Niet dat ik hetzelfde heb meegemaakt, maar wel de achterliggende ervaringen, indrukken, gevoelens en gedachten. Het raakt me en ik word er ook heel blij van. Want deze schrijfster weet de kern zo goed te pakken en te beschrijven. Het gaat om Pamela Kribbe en haar nieuwste boek ‘Nacht van de ziel’. Zij beschrijft in dit boek de periode waarin zij ernstige maagklachten kreeg en in een neergaande spiraal van angst, pijn en op den duur depressie en psychose terecht kwam. Zo hevig dat zij vastgebonden in een ambulance naar de psychiatrische afdeling van een ziekenhuis werd gebracht. Ze heeft contact met haar spirituele gidsen, verdiept zich in zelfverlies versus zelfbesef en herstelt snel.

Channeling

Pamela Kribbe is een bijzondere vrouw. Haar boeken bestaan voor een groot deel uit gechannelde teksten. Dat zijn boodschappen die zij via innerlijk (telepathisch) contact met spirituele gidsen ontvangt. Nu haken er misschien al direct mensen af, omdat ze hier niet in geloven, het lariekoek vinden of zelfs volksverlakkerij. Of ik hierin geloof? Geloven is voor mij altijd een te groot woord. Net als zeker weten. Want wat weten we nu eigenlijk echt? Ik denk dat channeling mogelijk is en sta er voor open. Wel is het voor mij sterk gebonden aan de persoon. Over het algemeen ben ik – zeker als het gaat over spiritualiteit – kritisch, zelfs wat sceptisch en zeer afwachtend. Dat was ook bij Pamela Kribbe. Maar door haar boek ‘Gesprekken met Jeshua’ en een channeling die mijn lief en ik mochten bijwonen, heb ik langzaamaan vertrouwen in haar gekregen. En wat natuurlijk belangrijk is: ze schrijft prachtig, helder en het raakt mij vaak tot diep in mijn ziel.

Beide voeten op de grond

Pamela is zelf heel duidelijk over wat channeling is, ze legt goed uit hoe het werkt en staat met beide benen stevig op de grond. Zij doet er niet geheimzinnig over en geeft aan dat ook al is de channeler maximaal open en ontvankelijk voor de boodschap van de desbetreffende gids, deze boodschap via haar of hem in aardse woorden wordt omgezet. Er vindt dus altijd een vertaalslag plaats die beïnvloed wordt door de psychologische en culturele achtergrond van de channeler.

En wat ik waardeer: ze is zeer kritisch over de excessen die makkelijk in de spirituele hoek kunnen ontstaan. Zoals een naïef geloof in helderziendheid en een overwaardering van de vrouwelijke energie. Ze schrijft hierover: “Deze excessen bevestigen vooroordelen die bestaan jegens moderne spiritualiteit (vaag, zweverig) en kunnen zelfs tot psychische onevenwichtigheid leiden. Een volwassen goed geaarde spiritualiteit isoleert zich niet van de aardse werkelijkheid, maar verbindt zich daarmee en houdt beide voeten aan de grond.” Pamela heeft zelf veel last gehad van mensen die haar vragen de toekomst te voorspellen of verwachten dat zij hun problemen voor hen oplost.

Overlevingsmechanisme

In het boek ‘Nacht van de ziel” staan dagboekfragmenten. Eén daarvan is een gesprek (channeling) dat zij heeft met Moeder Aarde. In het gesprek ontdekt zij dat er een automatisme, een patroon in haar zit; zij neemt de ander als maatstaf, als rechter van haarzelf. Ze wil het vooral goed doen voor anderen en vraagt zich te weinig af wat zij zelf wil, wat goed is voor haar. Om haar eigen eenzaamheid of verdriet niet rechtstreeks te ervaren, koos zij onbewust voor dit overlevingsmechanisme. Haar eenzaamheidsgevoel en verdriet hangt samen met het feit dat zij als baby op de wereld kwam met een diepe wrok tegen het leven. Zij wilde niet leven op aarde. Ze had dus geen basis van vertrouwen. Alles was eng, naar en gevaarlijk en er was geen innerlijke basis. Dus klampte zij zich vast aan iets uiterlijks wat een bepaalde mate van zekerheid leek te bieden. Deze uiterlijke maatstaf was haar moeder.

Persoonlijke groei

Ook ik wilde niet geboren worden. Dat klinkt stellig voor mijn doen, hoe weet ik dat zo zeker? Zo rond mijn 16e, 17e jaar begon ik dat hardop te zeggen. “Als mijn ouders mij hadden gevraagd of ik geboren wilde worden, had ik ‘nee’ gezegd”, zo formuleerde ik het. Nee, ik was zeker niet depressief of somber. En toch voelde ik dat heel sterk, ik wist ook niet precies waarom. Die uitspraak heb ik lang volgehouden. Totdat ik ergens tussen de 26 en 30 jaar ontdekte dat voor mij persoonlijke groei het allerbelangrijkste was en een goede reden om te willen leven. Vanaf toen heb ik die uitspraak nooit meer gedaan.

Rebirthing

Misschien denk je als lezer dat zo’n uitspraak nog niet hoeft te betekenen dat het echt zo was, dat ik echt als ongeboren kind niet geboren wilde worden. En dat klopt natuurlijk, ware het niet dat ik op een totaal onverwachts moment voor mijzelf de bevestiging kreeg. Tijdens een gesprekstherapie-sessie – ik was in de 30 – nodigde een therapeut mij uit om te gaan liggen en mij over te geven aan zijn stem. Enigszins onwennig deed ik dat. En voordat ik het goed en wel in de gaten had herbeleefde ik mijn geboorte. Rebirthing? Ik was een nuchtere vrouw die niets moest hebben van dit soort zaken, maar het gebeurde gewoon. Zonder de details prijs te geven, was het me daarna voor 100% duidelijk: ik wilde als baby echt niet geboren worden.

Geen veilige haven

Mijn vader vertelde mij jaren geleden dat ik als klein kind bang was voor vreemden en me altijd verschool achter en vastklampte aan mijn moeder. Net zoals Pamela. Haar bewustzijn als baby was gevuld met angst en paniek en zij zocht in het begin van haar leven blindelings naar een baken, iets om zich aan vast te houden: haar moeder. Ik weet dat dit voor mij ook zo was. Echter mijn moeder was geen baken waar ik mij aan vast kon houden. Zij was emotioneel zeer labiel. Als het goed ging met haar, kon ik bij haar terecht en voelde zij ook echt aan als een liefdevolle moeder. Maar als het slecht ging dan was zij zeker geen veilige haven voor mij. Eerder tegenovergesteld. Achteraf triest om te beseffen, maar zo was het gewoon.

Zelfverlies

Een citaat uit het boek: “Je was zogezegd geen echt ik, omdat het deel van jou dat ja had kunnen zeggen tegen het leven en de basis had kunnen vormen van jouw waarnemingen zich had afgesloten voor het leven. Jouw bewustzijn gevuld met angst en paniek in het begin van het leven zocht blindelings naar een baken, iets om zich aan vast te houden. Innerlijk was het er niet, want jouw zielenlicht kwam niet echt mee naar de aarde. Je hebt jouw ziel pas later in het leven ontdekt.” Die laatste twee zinnen kwamen bij mij binnen. Ik denk dat dit voor mij ook zo is geweest. Wel anders dan bij Pamela. Zij gaf zichzelf als het ware helemaal op ten gunste van de ander. Zij paste zich volledig aan. Vervolgcitaat: “De crux is dat je dit zelfverlies bent gaan beschouwen als goed. Dan ben je een goed, lief, braaf meisje. Dan word je gewaardeerd. De drogreden in je hoofd is dus: zelfverlies is goed en fijn en lost problemen op. Het verleidelijke van zelfverlies is dat je harmonie voelt, namelijk het gevoel dat jij er mag zijn, omdat de ander jou goedkeurt.”

Leegte

Ik paste mezelf niet volledig aan. Er heeft altijd iets tegendraads in mij gezeten, ook toen ik jong was. Ik was kritisch, een vechter en best eigenwijs. Mijn vader zei altijd: “Wat Rudi in haar kop heeft, heeft ze niet in haar kont.” Toch herken ik veel in Pamela. Mijn diepste zelf, mijn ziel; daar had ik geen contact mee. Sterker nog, die leek er niet te zijn. Diep van binnen was er leegte: ik was een dolende, verdrietige zoeker naar iets, maar geen idee wat. Pas toen ik ontdekte dat zelfontwikkeling voor mij belangrijk was – doordat ik rond mijn 25e in aanraking kwam met de vrouwenbeweging, ‘vrouwenboeken’ las en ook boeken van Wayne Dyer en het boek De Aquarius Samenzwering – begon er iets door te schemeren en waren er momenten van innerlijk zelfbesef.

Maar ja, het leven gaat ondertussen door en de drang naar intellectuele zelfontplooiing, naar gezien willen worden en mezelf en anderen bewijzen dat ik best veel in huis had, begon steeds sterker te worden. Zo verdwenen Wayne Dyer en consorten steeds meer naar de achtergrond.

Mijn diepste zelf

Toen ik als beeldende vorming docente de overstap maakte naar het communicatievak, verplaatste ik mij steeds meer naar mijn hoofd, mijn intellect. Visie, overzicht, strategie, leiderschap ontwikkelde zich in mij. Mijn sensitiviteit zorgde ervoor dat ik veel opmerk, aanvoel wat anderen willen en denken. Daar kon ik als leidinggevende over het algemeen goed op inspelen. Ik was er trots op dat ik dingen goed kon managen. Maar ik werd ziek en de rest is geschiedenis (zie CPPS en Over mij). Pas nadat bij mij CPPS werd geconstateerd en mijn leven totaal op de kop kwam te staan, begon ik stap voor stap weer contact te voelen met mijn diepste zelf. Ja, om maar dezelfde woorden te gebruiken: ook ik heb mijn ziel pas later in het leven ontdekt.

Zelfbesef

Door schade en schande, dat wel. “Soms moet je jezelf eerst een tijdlang ontkennen om tot die doorbraak te komen. In die zin vervult zo’n zelfontkennende fase een nuttige functie. Deze leidt je tot een punt waarop je zelf ziet dat het niet meer gaat. Dit punt van zelfbesef is heel kostbaar. Het kan een doorbraak vormen voor de rest van je leven.” Hoe wrang ook, maar ziekte, pijn kan een betekenis hebben in het leven. Of beter gezegd: je kunt er betekenis aan geven door het als een drijvende kracht, een motor voor je groei en bewustwording te zien.

Ik heb in het grootste gedeelte van mijn werkende bestaan, maar zeker als leidinggevende, teveel van mezelf gegeven. Ik wilde het te goed doen. Ook dat komt overeen met de vroegere ervaringen van Pamela: “Je hebt ook iets perfectionistisch in je waardoor je meer geeft dan noodzakelijk. Je hoeft niet zoveel te doen als je denkt. Je denkt vaak dat je mensen precies de antwoorden moet geven die zij willen hebben om iets op te lossen. Maar dat is niet wat ze werkelijk nodig hebben. Wat ze werkelijk nodig hebben en wat jij kunt aanbieden is een verschuiving in hun energie van angst naar vertrouwen, van onzekerheid naar innerlijk weten, van zelfafwijzing naar zelfbegrip.”

Herkansing

Het is fijn dat er nog een ‘herkansing’ kwam. Tijdens de 1e fase van mijn ziek zijn ben ik mij tijdens de opleiding Trainer MBSR (Mindfulness Based Stress Reduction) gaan verdiepen in mindfulnessbeoefening en in de boeddhistische levensfilosofie. De opleiding Trainer MBCL (Mindfulness Based Compassionate Living) was het toefje slagroom op de taart. Bewustzijnsontwikkeling, opmerkzaamheid, rust, vriendelijkheid en compassie groeide. Ik kreeg inzicht in mijn patronen en mechanismes en kwam meer in contact met mijn kern, mijn ziel zo je wilt. Net als Pamela leerde ik om in mijn werk als trainer MBSR de klanten tegemoet te treden met kalmte en zelfbewustzijn. “Met een innerlijke focus op dat wat goed voelt, vanzelf stroomt en al het andere loslaten. Niet meer al dat gepieker, getwijfel en gedoe. Er zijn vanuit mezelf en loslaten wat anderen ervan vinden of ermee doen. Echt geloven in wat wil stromen door mij in plaats van denken dat ik het zelf moet creëren.” Een geschenk, zo ervaart Pamela dat en ik ook.

Boek ‘Nacht van de ziel’ Pamela Kribbe, gepromoveerd filosoof, auteur en spiritueel therapeut.

 

Aanmelden

Laat hier je e-mailadres achter en je krijgt een mail als er een nieuw bericht is geplaatst.


 

 

 

Zelfverlies versus zelfbesef - Foto: onbekend

Foto: onbekend

 

Leren loslaten

Op een dag leer je

het subtiele verschil kennen

tussen een hand vasthouden

en een ziel ketenen.

Dan leer je dat liefde

niet betekent: leunen,

en dat gezelschap

niet betekent: veiligheid.

Je ontdekt dat een kus

geen contract is

en een cadeau geen belofte.

Je begint je nederlagen

te accepteren

met je hoofd omhoog

en je ogen open.

Je leert vertrouwen

op vandaag omdat morgen

te onzeker is voor plannen.

Na een poos leer je

dat zelfs zonneschijn

je verbrandt als

je er te veel van krijgt.

Dan wordt het tijd

je eigen tuin te beplanten

en dan zorg je voor je eigen ziel

en wacht je niet langer

op een wonder van buitenaf.

En dan weet je echt,

dat je het echt kunt volhouden

en dat je echt sterk bent

en dat je echt waarde hebt.

En je leert en leert.

Bij ieder afscheid leer je.

– Voltaire

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *